Waarom 9 en niet 5 of 12?
De negen subcompetenties zijn geen willekeurig getal. SLO heeft bewust gekozen voor een opdeling die fijnmazig genoeg is om aantoonbaar te zijn, maar niet zo fijn dat je in administratie verzuipt. Drie hoofd-domeinen, elk met drie aspecten, is een logica die ook in andere onderwijslanden terugkomt — van Finland tot Estland.
Voor de Onderwijsinspectie betekent het dat ze straks (vanaf 2031, wanneer de handhaving begint) gericht kunnen vragen: «Op welk niveau scoort uw leerling op K2.2 — programmeren?» of «Hoe vaak per jaar wordt K3.2 — kritisch denken over media — aangeboden?». Met negen subcompetenties heb je 9 vinkjes per leerling per leerjaar. Behapbaar.
Voor jou als schoolleider of ICT-coördinator is het belangrijkste inzicht: een aanbod dat één of twee subcompetenties heel grondig dekt maar de andere zeven nauwelijks raakt, voldoet straks niet aan de wettelijke verplichting. Het moet over de hele linie aantoonbaar zijn.
Praktische kennis en vaardigheden
Bedienen, beheren en begrijpen wat technologie kan. Het «handvaardigheids»-domein.
Digitale systemen functioneel gebruiken
Met apparaten en software werken om praktische taken uit te voeren. Bestanden opslaan, een browser bedienen, een tekstverwerker, een rekenmachine-app. Geen zwarte magie meer voor de leerling.
Groep 5-6: bestand openen + opslaan in tekstverwerker · Groep 7-8: structuur in mappen + cloudopslag · VO-onderbouw: diverse apps koppelen, gegevens importeren
Doelgericht navigeren in het informatielandschap
Op internet zoeken, informatie beoordelen, bronnen onderscheiden. Niet alleen Googelen — ook leren waar je je vraag stelt, en hoe je antwoorden valideert.
Groep 5-6: kindgerichte zoekmachines + ouder/leerkracht als filter · Groep 7-8: meerdere bronnen vergelijken, datum van publicatie checken · VO-onderbouw: bronvermelding en fact-checking-tools
Data en AI verkennen
Begrijpen hoe data wordt verzameld, opgeslagen en gebruikt — en wat AI-systemen wel en niet kunnen. Een nieuwe subcompetentie sinds 2024, juist toegevoegd door de opkomst van AI in het dagelijks leven.
Groep 5-6: kennismaken met een AI-assistent, herkennen dat «de computer» soms fout zit · Groep 7-8: data-visualisatie lezen, bias herkennen · VO-onderbouw: AI-prompts schrijven en de uitkomsten kritisch beoordelen
Ontwerpen en creëren
Niet alleen technologie consumeren maar er zelf iets mee maken. Het «creator»-domein.
Digitale producten maken
Een tekst, een presentatie, een filmpje, een poster. Een digitaal eindproduct met een duidelijk publiek voor ogen.
Groep 5-6: eerste werkstuk in tekstverwerker met afbeelding · Groep 7-8: presentatie geven met slides, korte video-opname · VO-onderbouw: multimedia-werkstuk dat tekst, beeld, audio, link combineert
Programmeren
Computational thinking in actie. Stap-voor-stap denken, een probleem opdelen, een oplossing in code (of blokjes) vastleggen.
Groep 5-6: blokken-taal (Scratch, BloXX, etc.) met pijltjes en lussen · Groep 7-8: conditionals (als-dan) en variabelen · VO-onderbouw: overstap naar tekstprogrammeren (JavaScript of Python) met functies en parameters
Iteratief ontwerpen
Niet in één keer goed willen krijgen, maar herhaaldelijk verbeteren. Prototype maken, testen, aanpassen, opnieuw testen — klassieke designdenken-cyclus.
Groep 5-6: tekening maken, feedback krijgen, één verbetering doorvoeren · Groep 7-8: twee versies van een product vergelijken op gebruiksgemak · VO-onderbouw: peer-review cyclus over meerdere iteraties
Gedigitaliseerde wereld
Veilig, kritisch en bewust functioneren in een gedigitaliseerde samenleving. Het «burgerschap»-domein.
Veilig en verantwoordelijk omgaan met digitale technologie
Wachtwoorden, privacy-instellingen, online verbinden zonder slachtoffer te worden. De praktische kant van digitale veiligheid.
Groep 5-6: wachtwoord-basis, niet je echte naam delen in spel-chats · Groep 7-8: phishing herkennen, twee-staps-verificatie · VO-onderbouw: digitale identiteit beheren, privacy-instellingen aanpassen
Kritisch denken over media
Bronnen wantrouwen waar nodig. Het verschil voelen tussen advertentie, opinie en nieuws. Deepfakes herkennen. AI-gegenereerde content beoordelen.
Groep 5-6: herkennen dat reclame iets anders is dan een spel · Groep 7-8: deepfake-video oefeningen, bron-vergelijking · VO-onderbouw: fact-checking, omgaan met social-media-algoritmes
Wisselwerking tussen technologie, mens en samenleving
Begrijpen hoe technologie ons gedrag vormt en hoe wij technologie vormgeven. De grote-vraag-subcompetentie. Wat doet TikTok met je aandacht? Wie controleert de algoritmes?
Groep 5-6: gesprek over schermtijd en gevoelens · Groep 7-8: wie verdient er aan een gratis app? · VO-onderbouw: impact van AI op werk, klimaat, democratie
Hoe toon je de 9 aan?
De wet zegt dat je het curriculum vanaf 1 augustus 2027 op orde moet hebben. De inspectie gaat handhaven vanaf 2031. Tussen die twee zit ruimte voor je school om het structureel in te richten — maar je moet wel kunnen laten zien dat je het doet.
In de praktijk werkt dat het beste met drie ingrediënten:
- Een leerlijn op papier waar je per leerjaar per subcompetentie een paar leerdoelen formuleert. Eerste versie hoeft niet perfect — ben gewoon expliciet.
- Een portfolio per leerling waarin je per subcompetentie 12+ «ankers» verzamelt aan het eind van groep 8. Een anker is een afgeronde les, opdracht of product. Veel ankers verspreid over leerjaren tonen een doorlopende leerlijn aan.
- Een dashboard voor de docent dat het portfolio-werk automatisch bijhoudt zonder dat je iemand opnieuw moet laten invoeren wat al gebeurd is. Anders haakt de docent af.
Voor dat laatste punt is het verschil tussen een werkbare en een onwerkbare aanpak vooral wie de administratie doet. Op scholen waar de leerkracht na elke les een vinkje moet zetten in een spreadsheet zien we het binnen een paar weken instorten. Op scholen waar het portfolio zich automatisch vult op basis van afgeronde lessen — bijvoorbeeld via een platform — blijft het overeind.
Drie valkuilen bij invoering
1. Een platform kiezen dat 5 subs goed dekt en 4 niet
De meeste enkelvoudige tools die je nu kunt aanschaffen zijn sterk in één hoek van DG — bijvoorbeeld programmeren (K2.2) of mediawijsheid (K3.2). Maar «data en AI verkennen» (K1.3) of «iteratief ontwerpen» (K2.3) komen vaak nauwelijks aan bod. Check expliciet welke van de 9 een tool dekt.
2. Subcompetenties op één leerjaar concentreren
Een veelvoorkomende eerste poging is: «groep 6 doet K2.2 programmeren, groep 7 doet K3.2 mediawijsheid». Lijkt georganiseerd, maar de inspectie wil straks een doorlopende leerlijn zien — elke subcompetentie moet meerdere keren in verschillende leerjaren terugkomen, op oplopend niveau. Maak een matrix die zowel verticaal (leerjaar) als horizontaal (subcompetentie) gevuld is.
3. Wachten op één landelijke standaard
Sommige scholen wachten op «de officiele SLO-toetsing» voor digitale geletterdheid voordat ze beginnen. Die landelijke toetsing komt er waarschijnlijk niet — in elk geval niet vóór de wettelijke invoering in 2027. Beter is: nu starten met een pragmatische opzet die je per kwartaal kunt verfijnen.
Veelgestelde vragen
Moet elke leerling alle 9 subcompetenties «beheersen» aan het eind van groep 8?
Nee. De kerndoelen zijn aanbods-doelen, geen toetsings-eindstreepjes. Je school moet aantonen dat elke subcompetentie een wezenlijke plek heeft in het curriculum en dat leerlingen er aan zijn blootgesteld op een oplopend niveau. Beheersings-norm per individuele leerling is er (nog) niet.
Wat is het verschil tussen kerndoelen en aanbodsdoelen?
De SLO gebruikt «kerndoelen» voor de bredere thema's (DG-1, DG-2, DG-3) en «subcompetenties» of «aanbods-doelen» voor de negen specifieke uitwerkingen. Inhoudelijk komen ze op hetzelfde neer. Je kunt de termen door elkaar gebruiken zonder verwarring.
Welke subcompetentie wordt het lastigst om aan te tonen?
In onze ervaring K1.3 (Data en AI verkennen) en K3.3 (Wisselwerking tech-mens-samenleving). Beide vereisen meer dan «een keer een les» — ze vragen om structurele gesprekken en oefeningen die zich over leerjaren uitspreiden. Plan deze twee bewust en herhaaldelijk in.
Werkt de 9-onderverdeling ook voor onderbouw VO?
Ja. De kerndoelen digitale geletterdheid gelden voor het basisonderwijs én de onderbouw van het voortgezet onderwijs. De drie domeinen en negen subcompetenties zijn identiek. Wat verschilt is het ankerniveau — in onderbouw VO worden bijvoorbeeld K2.2 (programmeren) en K3.2 (mediawijsheid) op een hoger niveau aangeboden dan in groep 7-8.
Hoe vaak per jaar moet ik elke subcompetentie raken?
Er is geen wettelijk minimum. Praktisch hanteren wij en de meeste scholen die we spreken: minimaal 4 keer per leerjaar per subcompetentie, oplopend in niveau, met aantoonbare verschillen tussen leerjaren. Dat geeft je 12+ ankers per subcompetentie aan het eind van groep 8 — voldoende stevig voor de inspectie.
Waar vind ik de officiele subcompetentie-omschrijvingen?
Bij SLO en op Rijksoverheid.nl. De definitieve conceptkerndoelen digitale geletterdheid zijn in september 2025 gepubliceerd. Onze indeling in dit artikel volgt die conceptkerndoelen.